Berichten

Autobiografische verhalen

Villa Masini-LuccettiEnigszins gespannen kwam ik op Schiphol aan. Veel te vroeg. Maar dat moest ook, want ik wilde als eerste aanwezig zijn. Ik voelde me bijna een reisbegeleider, terwijl ik de juiste incheckbalie opzocht en op de deelnemers van de schrijfvakantie naar Toscane wachtte. Maar dat gevoel verdween toen we samen in de prachtige Villa Masini-Luccetti arriveerden. Daar begonnen de verhalen te stromen.

‘Echt fantastisch wat jij met schrijven doet,’ zegt mijn moeder. De week is voorbij en ik heb haar net over de schrijfvakantie verteld. Over de kracht die mensen kunnen putten uit het opschrijven van wat hen is overkomen. Er zijn veel verschillende verhalen losgekomen in dat eeuwenoude huis. Soms heftige verhalen, meestal vooral bijzonder.
‘Red je het zelf wel?’ Ze kent me.
‘Ja, hoor.’
‘Echt? Ik las je berichten wel op facebook, maar heb je het écht fijn gehad?’
Ik slik mijn ontroering weg. Dat krijg je als je moeder je zó goed kent. ‘Het was een hele bijzondere week met een groep hele mooie mensen. Natuurlijk was het soms vermoeiend omdat emoties bij mij diep binnenkomen. Maar dat is de enige manier waarop ik iemand kan helpen.’
‘Dat vermoedde ik al,’ mompelt ze.
‘Maar hoe mooi is het als ik ze op deze manier een klein zetje kan geven zodat ze weer steviger in het leven komen te staan? Als ze prachtige boeken leren schrijven?’
‘Let ook goed op jezelf, meis.’
‘Ja, mam.’ Als ik ophang ligt de glimlach onuitwisbaar op mijn gezicht. Niet alleen door haar woorden, maar zeker ook door de herinnering aan de bijzondere schrijfweek.

Pas later die avond vraag ik me af waarom deze week voor mij zo’n speciale lading heeft gekregen. Dan komt-ie binnen… Ik schrijf boeken over verborgen leed in de samenleving, zodat ik mensen, die niet (goed) voor zichzelf kunnen opkomen, een stem geef. Slachtoffers moet je helpen, niet veroordelen. Nu blijkt dat ik dit ook met mijn schrijftrainingen kan doen.
Natuurlijk kun je op verschillende manieren over je leven schrijven. Ik heb zelf genoeg meegemaakt om dit al vele malen te hebben ervaren. Bij mij werkt dat goed: alles van me af schrijven. Door het te verwoorden geef ik het een plekje. Maar als je met jouw ervaring, anderen een steuntje in de rug wilt geven, is er méér nodig dan een dagboek. Dan zul je jouw autobiografische verhaal een eigen identiteit moeten geven. Een eigen kleur. Een bijzondere insteek. Misschien even afstand nemen en daarna weer terugkeren bij jezelf. Dan pas krijg je een waardevol autobiografisch verhaal.

‘Je bent veel spiritueler dan ik in eerste instantie dacht,’ geeft Elena van de villa in Toscane later aan. En ik weet dat ze gelijk heeft, ook al doe ik er niet echt iets mee.
‘Het was een heerlijke week, Marelle. Veel geleerd, maar ook inzicht gekregen dankzij jou,’ schrijft Petra, een van de deelnemers.
‘Heel veel geleerd, veel om over na te denken met betrekking tot wat ik aan het schrijven ben,’ geeft Lydia aan. ‘Het was een week met tranen, maar ook met gierende lachbuien.’
‘Een magische week,’ schrijft een derde.
Het is fijn om deze reacties te lezen.

Vaak wordt een verhaal ook wel ‘de reis van de held’ genoemd. Het gaat om alle hindernissen die de held moet overwinnen om zijn doel te bereiken. Vaak is dat een fictieve reis, prachtig in zijn soort. Maar soms is een échte reis nodig om verder te kunnen. Letterlijk. Bijvoorbeeld door naar het buitenland te vertrekken. Een andere keer is alleen een reis in je hoofd voldoende.
Vicky zegt het heel mooi: ‘Difficult roads often leads to the most beautiful destinations, like @Schrijftoscane with @MarelleBoersma.’ Ze is een prachtig positief mens die in de afgelopen week deze reis is begonnen. Dat de weg naar Villa Masini-Luccetti echt heel bochtig is, maakt deze beeldspraak alleen nog maar mooier. Zelf ben ik vooral blij dat ik door deze schrijfweek een eigen weg voor me zie: mensen helpen bij het opschrijven van hun autobiografische verhaal, zodat ze ook tíjdens die reis al van het uitzicht kunnen genieten.
En zo ben ik dan toch een beetje een reisbegeleider geworden.

 

Ben jij ook bezig met een autobiografisch verhaal? Tegen welke problemen loop je daarbij aan?
Laat onderaan een reactie achter.

 

________________________________________

Marelle Boersma auteurMarelle Boersma is auteur en schrijft boeken over actuele misstanden, vaak gebaseerd op waargebeurde verhalen. Daarnaast is ze schrijfdocent waarbij ze aankomend schrijvers helpt hoe ze hun verhaal op een pakkende manier kunnen opschrijven. Deze schrijftrainingen worden overal in het land gegeven aan kleine groepen, zodat iedereen voldoende persoonlijke aandacht krijgt.

De trainingen zijn geschikt voor zowel beginnende als gevorderde schrijvers.
Tijdens de schrijfweekenden én de schrijfvakantie naar Toscane staat jouw eigen verhaal centraal. Dat kan zowel een fictief verhaal, een jeugdboek maar ook een autobiografisch verhaal zijn. Je leert welke schrijftechnieken je nodig hebt voor een goede opbouw van een verhaal. Daarnaast krijg je een persoonlijk coachingsgesprek.

Ook start in het najaar een nieuwe training: autobiografisch schrijven

_________________________________________

 

Hoe voorkom je dat jouw verhaal vastloopt?

in de knoopDe weg kwijt

Vaak begint een verhaal best lekker. Je stelt een paar interessante personages voor, je brengt een locatie door schitterende volzinnen tot leven, en je start met een handeling. Je wil die lezer direct je verhaal intrekken. Maar dan begint het te kabbelen en uiteindelijk loop je vast. Shit, hoe moet je verder? Waarom duikt die ene man steeds weer op, terwijl je toch echt had bedacht dat hij een bijpersonage moest worden? Je bent de weg kwijt.

 

Een bekend probleem

Het is een van de meest voorkomende problemen bij het schrijven. En dus besteed ik altijd ruim aandacht aan dit onderwerp tijdens mijn schrijfweekenden. Hoe voorkom je als schrijver dat je vastloopt? Vaak zit het antwoord in het ontbreken van een stevig conflict. Aan alles is gedacht. Personages met vlees op de botten, een lekkere mysterieuze omgeving, een vastberaden tegenstander en een zinderende ontknoping. Alleen zover kom je niet.

 

De basis van je verhaal

Er zijn een aantal vergelijkbare begrippen in de schrijfwetenschap: conflict, dilemma, worsteling, obstakel, drijfveer, einddoel, verlangen. Het lijkt allemaal op elkaar en toch is er verschil. En pas als je die goed voor ogen hebt, kun je verder. De overeenkomst van bovenstaande woorden is dat in deze opsomming de basis van je verhaal ligt.

 

Start die motor!

Ik heb het eerder gemeld: het conflict is de motor van je verhaal. Zonder conflict valt er niets te winnen. Dus waarom zou je personage dat op reis gaan? Die blijft liever lekker thuis. En dus gebeurt er niets.Het levert slechts twee dingen op: een gefrustreerde schrijver en een saai (of onaf) verhaal. Dus start die motor en rij vooral om die valkuil heen.

 

Loopt jij ooit vast bij het schrijven? Hoe zorg je dat je weer verder kunt?

________________________________________

Marelle Boersma auteurMarelle Boersma is auteur en schrijft boeken over actuele misstanden, vaak gebaseerd op waargebeurde verhalen. Daarnaast is ze schrijfdocent waarbij ze aankomend schrijvers helpt hoe ze hun verhaal op een pakkende manier kunnen opschrijven. Deze schrijftrainingen worden overal in het land gegeven aan kleine groepen, zodat iedereen voldoende persoonlijke aandacht krijgt.

Tijdens een schrijfweekend kun je echt een grote stap maken. Deze weekenden geeft ze maar een paar keer per jaar en ze zijn snel vol. Ze krijgt erg enthousiaste reacties, omdat de deelnemers daar echt aan de slag gaan met hun eigen verhaal. Zelfs schrijvers die hun hele boek al klaar hebben, krijgen meer inzicht hoe ze met een aantal simpele ingrepen hun verhaal op een hoger niveau kunnen brengen. Zowel een beginnend als een gevorderd schrijver krijgt geheid nieuwe inspiratie.

_________________________________________

Research doen gaat soms ver

Research doen gaat soms ver

Voor elk boek doe ik research. In mijn geval zeker belangrijk omdat mijn verhalen zich op de grens van fictie en waarheid afspelen. En dus moet alles kloppen; in ieder geval zo veel mogelijk. En dus ben ik vele uren aan het speuren naar informatie, koop ik boeken over het onderwerp, en maak afspraken met mensen die me meer kunnen vertellen.

 

Ik ga ver. Soms erg ver

Natuurlijk schrijf ik fictie, maar mijn verhalen moeten realistisch zijn omdat ze gebaseerd zijn op waargebeurde ervaringen. En om die waarheid zoveel mogelijk te benaderen ga ik best ver. Niet alleen technisch gezien, maar soms ook fysiek. Zo ben ik voor mijn boek De Babymakelaar zelf met de trein naar Poznan in Polen gereisd, heb daar in het natuurgebied rondgewandeld en heb er in gedachten het vervallen slot neergezet dat een grote rol speelt in het boek. Die sfeer proeven is voor mij erg belangrijk.

 

Valkuil

Sinds ik schrijftrainingen verzorg zie ik ook dat veel research doen een valkuil kan zijn. Niet alleen omdat het soms flink uit de klauwen loopt, en de start naar het daadwerkelijke schrijfproces hierdoor steeds uitgesteld wordt. Maar ook doordat beginnende schrijvers graag willen laten zien wat ze weten over het onderwerp. En dus volgen er vele alinea’s met informatie waar de lezer zich doorheen moet worstelen.

 

Minder is meer

Het is een bekende term in de schrijverswereld: minder is meer. Hoe krachtiger je tekst is, hoe meer je de lezer betrekt bij je verhaal. En natuurlijk wil je laten zien dat je heel veel afweet van je onderwerp. En natuurlijk vind jíj al die informatie belangrijk. Maar is het ook onontbeerlijk voor je verhaal? Kan de lezer zonder? Vaak wel. Zelf beschrijf ik maar een heel klein percentage van wat ik weet in het verhaal. De rest is vooral belangrijk voor jouzelf. Om je in te leven. Om de sfeer neer te kunnen zetten. Om die lezer vooral met vraagtekens te confronteren. Ga dus niet te ver! Want dan verdwaalt de lezer.

Fluitend schrijven

Columns en blogs schrijven zie ik als oefeningen. In 300 woorden een ontmoeting beschrijven. Of een verontwaardiging. Een situatie die opvallend genoemd kan worden, of die me juist opvalt omdat ik erover wil schrijven. Dat is het. Het zijn de gewone dingen, die je als schrijver mooier kunt maken. Een stukje fictie integreren, of de spotlight op iets kleins zetten. Zoiets.

Martin Bril was daar een ster in. Jaloersmakend goed. Op een bijzondere manier schreef hij over normale zaken. Hij liet ze opvallen, zodat ik de volgende keer dacht: ‘O ja.’ Ooit las ik in een interview – ik dacht in de Volkskrant – dat hij adviseerde om fluitend te schrijven. Dat heb ik in mijn oren geknoopt. Worstelen met woorden geeft geen vloeiende zinnen. Maar als je fluit… en schrijft… dan creeer je een mooie wereld.